IkWij-blog #16: Verschil consent en consensus

Regelmatig hoor ik mensen die denken dat consent en consensus hetzelfde is.

En dat praten in rondes, luisteren naar elkaar, hetzelfde is als polderen.

 

 

Consensus en polderen, daar worden de meeste mensen niet echt blij van.

Met polderen en peuteren blijft er uiteindelijk nog een slap aftreksel over van wat we echt belangrijk vonden.

Verstandelijk denken we dat het goed is. Want, tsja, als je wilt samenwerken en je wilt ruimte geven aan iedereen, dan moet het wel zo…

 

 

Niets is minder waar, het kan ook anders!

 

 

 

1. van ego naar eco (samen)

 

Consent en consensus zijn heel verschillend.

 

Waar consensus gaat over ‘opkomen voor je eigen ideeën’, gaat consent over ‘luisteren naar de ander en het beste zoeken voor de groep.’

 

Bij consent is de vraag hoe jij jouw kennis en wijsheid in kan zetten ten behoeve van de groep. En in het luisteren naar de ander reflecteer je hoe die ander jou verrijkt, hoe de groep juist baat kan hebben bij zijn/haar kennis en wijsheid.

 

Bij consent gaat het over én én: hoe kunnen jouw wensen én die van mij verenigd worden in een voorstel wat goed is voor iedereen.

 

Hoe dat kan? Doordat consent betekent dat je geen overwegend, beargumenteerd bezwaar hebt tegen het nemen van het besluit. Het gaat dus niet om wat je fijn vindt, maar of je een (overwegend, beargumenteerd) bezwaar hebt.

 

Ga maar na bij jezelf: het ‘vind ik fijn-gebied’ is veel kleiner dan het ‘ik heb geen bezwaar-gebied.’

 

Zo wordt voortdurend de beweging gemaakt van ego (wat ik belangrijk vind) naar eco (wat voor ons samen het beste is). Zo ontstaat ruimte voor al jouw gekkigheid én voor die van mij. En door consent kunnen we besluiten nemen waarin jouw gekkigheid én die van mij gevangen zijn.

 

En dan zijn we allebei tevreden.

 

Dat is voor mij de kick van werken met consent: door het luisteren ontdekken hoe bizar verschillend we kunnen zijn en dan toch in de besluitvorming een besluit kunnen vinden waar we allebei tevreden mee zijn.

 

Dus: júist verschillen vergroten, daar de verrijking in vinden en dat gebruiken om tot krachtige en duurzamen besluiten te komen.

 

 

 

2. van polderen en peuteren naar persoonlijke betrokkenheid

 

Het luisteren naar elkaar is dan om het samen te zoeken, om die ander echt te horen.

 

Dan zwijg je of geef je slechts instemming, omdat iemand anders al zei wat jij wilde zeggen.

 

Dan word je verrast door de eigenheid van de ander en ga je dat waarderen als toevoeging.

 

Dan merk je dat je echt gehoord wordt, dat mensen proberen te begrijpen wat je vindt.

 

En dan hoef je dus ook niet meer in herhaling te vallen. Je werd immers al gehoord.

 

 

Duurzame besluiten, tevreden teamleden. Geen gezeik, maar samen!

Geen reacties

Plaats een reactie